Het begon allemaal volgens het ontbrekende plan. Niek (1893) speelde een degelijke partij tegen Frans Wolferink (2075) op bord 2. In een stelling waar niks aan de hand is speelde zijn tegenstander de meest verschrikkelijke zet in de stelling, wat een mogelijke mat in twee opleverde. Wonderbaarlijk genoeg zag Niek het ook en stonden we 1-0 voor. Ik hoef niet uit te leggen dat iedereen jaloers na deze mannen keek omdat ze al op het terras konden gaan zitten.











